Op de afdeling OPDC werken we aan taalbeleid. Dat is nodig omdat de
eisen van het ministerie omhoog zullen gaan. Dit is bij taal te zien
in hogere examen-eisen voor het vak Nederlands. We werken hieraan door
een (extra) uur in de week te werken aan taalachterstanden. Dit doen
wij onder andere door de leerlingen te stimuleren vrij te lezen.
Wanneer we ze kunnen verleiden tot meer lezen, komt er pas echt goed
verbetering in de taal van leerlingen. Verder werken we met
verschillende boekjes aan woordenschat, taalgebruik en spelling. Bij
het vak Nederlands wordt er gewerkt aan het begrijpend lezen vanuit de
methode en/of met de aanvullende methode Nieuwsbegrip. Voor de
leerlingen met extra grote achterstanden kan hulp van de
dyslexie-specialisten worden ingeroepen en mogelijk in de toekomst een
verrijkingsuur worden ingericht.
Voor de dyslectische leerlingen geldt, dat er bij deze examens
gelukkig met hulpmiddelen mag worden gewerkt, zoals nu ook al het
geval is. Daarom ligt de focus vooral op de redzaamheid met behulp van
de hulpmiddelen.
Het beleid rond de referentiekaders taal en rekenen is vanuit de
overheid nog sterk in ontwikkeling en dus ook bij ons op school.
De taalspecialist: Betty Verdouw